De oudsten van de groep kiezen een boek, waarin ze zelfstandig beginnen te lezen. Hun favorieten zijn Jorge Amado en Eduardo Galeano.
De jongsten, daarentegen, hebben er niet zo veel zin in. “Waarom gaan we niet voetballen? Verhalen zijn voor kleine kinderen.” Ze lopen heen en weer, babbelen, prostesteren…
Lili begint onverstoord een eerste verhaal van Don Sapo voor te lezen. Pablo lost haar af, en leest voor uit zijn grote raadsel- en moppenboek. De twee genres wisselen elkaar af. En zo gebeurt
Mauro en Ariel worden zelfs zo enthousiast dat ze zelf, niet zonder enige moeite, ook een gedichtje voorlezen.
En dan is het mijn beurt. Ik heb dit verhaal van Galeano voor hen uitgekozen:
SUCEDIDOS
Lang geleden, zo vertelt men, was er in het dorp El Resorte een schat, verborgen in het huis van een zieke, oude man.
Eén keer per maand stond de man, die niet lang meer te leven had, op uit zijn bed, en ging hij naar de stad om zijn pensioen te innen.
Enkele dieven uit Montevideo profiteerden van zijn afwezigheid en vielen zijn huis binnen.
De dieven zochten en herzochten de schat in elk hoekje van het huis. Het enige dat ze vonden, was een houten koffer, verstopt onder een stapel dekens in een hoekje van de kelder. Het enorme slot dat de koffer verdedigde, weerstond ongedeerd de aanval van de boeven.
Dus namen ze de koffer maar mee. En wanneer ze die eindelijk open gekregen hadden, ver weg van het dorp, ontdekten ze dat de koffer vol brieven zat. Het waren de liefdesbrieven die de oude man tijdens heel zijn lange leven gekregen had.
De dieven gingen de brieven verbranden. Er werd over gediscussieerd. Uiteindelijk beslisten ze om ze terug te geven. Eén voor één. Eén per week.
Vanaf toen ging de oude man elke maandagmiddag bovenop de heuvel zitten. Daar wachtte hij tot hij de postbode zag verschijnen op de weg. Hij zag nog maar nauwelijks het volgeladen paard opduiken tussen de bomen, of hij begon al te lopen. De postbode, die het al wist, had zijn brief al in de hand.
En zelfs Sint Pieter kon het kloppen horen van dit hart, dol van geluk om de woorden van een vrouw te ontvangen.
naar Eduardo Galeano
